Een artistiek en conceptueel laboratorium voor een dansmuseum

Sinds 2009 staat de Franse choreograaf en danser Boris Charmatz aan het hoofd van het Centre choréographique national in Rennes (FR), dat hij omdoopte tot ‘Musée de la danse’. Met deze naamswijziging toont Charmatz dat hij verder wil gaan dan de pure productie- en residentiefunctie van een danscentrum. Met het Musée de la danse experimenteert en reflecteert hij over een mogelijk concept voor een dansmuseum, waar dans gecreëerd, getoond en doorgegeven kan worden.

I can’t help thinking that the dancing museum is necessarily a failure from the beginning. And, because of this, a valid one, in spite of everything, like a romantic quest. Of course, dance risks dying when it enters the museum, but such a risk might also keep it ‘alive’?!
Boris Charmatz in Catalogue expo zéro

Het Musée de la danse is een museum bedacht door kunstenaars. Het is zowel een programma van artistieke transmissie als een conceptueel project. Wat de choreograaf uitdrukt in zijn Manifeste pour un musée de la danse is een verlangen om een einde te maken aan de culturele verzuiling en een felle weerstand tegen kaders van vooropgezette institutionele ideeën.

Si l’on veut aujourd’hui ne plus occulter l’espace historique, la culture, le patrimoine chorégraphique, fut-il le plus contemporain, alors il est temps de regarder, de rendre visibles et vivants les corps mouvants d’une culture qui reste largement à inventer.
Boris Charmatz, Manifeste pour un musée de la danse

Musea hebben de maatschappelijke taak sporen uit het verleden die wij belangrijk vinden te verzamelen, te bewaren en toegankelijk te maken. Traditioneel gaat het dan vooral over onbeweeglijke voorwerpen. Dans, een bij uitstek vluchtige kunst, lijkt haaks te staan op dergelijke museumpraktijken gefocust op een materiële collectie. Charmatz kiest resoluut voor een museumconcept gebaseerd op beweging, dans en levende lichamen.

Nous sommes à un moment de l’histoire où un musée n’exclut aucunement les mouvements précaires, ni les mouvements nomades, éphémères, instantanés. Nous sommes à un moment de l’histoire où le musée peut changer ET l’idée que l’on se fait du musée ET l’idée que l’on se fait de la danse.
Boris Charmatz, Manifeste pour un musée de la danse

Het Musée de la danse is in feite een laboratorium waar verschillende formats worden bedacht en uitgewerkt. Het doet onderzoek naar een mogelijke museale benadering van dans als levende kunst. Dit resulteert in workshops, tentoonstellingen en open protocollen, die ingezet kunnen worden als experiment, voor hergebruik of aanpassing. Daarmee trekt Musée de la danse ook naar andere musea, zoals MoMA (2013) en Tate Modern (2015).

 

Enkele projecten

expo zéro, 2009

expo zéro is een tentoonstelling zonder objecten: geen foto’s, beelden, installaties of video’s. De bedoeling van dit project is de denkbeeldige lijnen uit te tekenen van een dansmuseum. Kunstenaars, maar ook architecten, historici, curatoren en archivisten, presenteren – met als enige hulpmiddel hun lichaam, aanwezigheid en stem – hun ideeën en visies. De tentoonstelling toont fantasieën, herinneringen, analyses, verhalen en dansreconstructies. De bezoeker is zo getuige van een conceptueel dansmuseum in ontwikkeling.

Een interactief filmpje leidt je door de tentoonstelling.
In de catalogus zijn essays, artikels en correspondenties opgenomen waarin de deelnemers hun dromen, ideeën en bedenkingen bij een dansmuseum uit de doeken doen.

20 Dancers for the XXth Century, 2012

In dit project herinterpreteren twintig dansers verschillende solo’s uit het choreografisch repertoire van de twintigste eeuw in een museale ruimte. Ze baseren zich op werk van o.a. George Balanchine, Pina Bausch, Jérôme Bel, Trisha Brown, Merce Cunningham, Anne Teresa De Keersmaeker, Isadora Duncan, William Forsythe, Martha Graham, Vaslav Nijinski en Mary Wigman. Het is meer een archeologische oefening, dan een oefening in levend houden van een erfenis: de dansers graven bewegingen uit het verleden op om ze in het heden op te voeren. Hiervoor doen ze beroep op hun eigen herinneringen, kennis van de historische dansen en eigen bewegingen. Het gaat niet zozeer om het tonen van onveranderde choreografieën uit het verleden, maar meer over het bieden van een venster op de dansers aan het werk in de context van het museum.

Bekijk een trailer van Opéra National de Paris

Flip Book, 2009

Voor Flip Book ging Boris Charmatz aan de slag met het werk van Merce Cunningham, de Amerikaanse grootmeester van de postmoderne dans. Hiervoor hanteert hij een bijzonder procédé: de foto’s uit het boek Fifty Years van David Vaughan vormen het script van de voorstelling. Het boek bevat beelden van Cunninghams oeuvre en tekeningen en portretten achter de schermen. Samen met een groep excellente dansers zet Charmatz de beelden terug in beweging.

Lees meer

 

‘If Tate Modern was Musée de la danse?’, 2015

In mei 2015 bezette Musée de la danse het Londense museum Tate Modern voor twee dagen met negentig dansers en choreografen. Vertrekkende vanuit de vraag ‘If Tate Modern was Musée de la danse?’ werd het moderne kunstmuseum getransformeerd vanuit het perspectief van dans. Er werden sleutelwerken van Charmatz gepresenteerd en er werd een debat georganiseerd over wat een dansmuseum zou kunnen zijn. De discussie werd online verdergezet met hashtag #DancingMuseum.

Lees meer

 

MEER

Manifeste pour un musée de la danse, Boris Charmatz, 2009.

Collectie video’s van Musée de la danse op Numeridanse.tv

Interview Boris Charmatz en Ana Janevski (MoMA)