dans archief- en collectiezorg lea daan letterenhuis ausdruckstanz
Letterenhuis, Antwerpen

Podiumkunstenerfgoed in het Letterenhuis

Lea Daan (pseud. van Paula Gombert, 1906-1995) was een Antwerpse danseres, choreografe en pedagoge. Als één van de eersten uit Vlaanderen trok ze in 1930 naar Duitsland om er te studeren bij de grondleggers van de Ausdruckstanz: Bij Rudolf von Laban zelf in Berlijn, maar vooral bij Kurt Jooss in Essen – ook de leermeester van Pina Bausch – en Albrecht Knust in Hamburg. Terug  in Antwerpen richtte ze een school op aan de Frankrijklei en bracht ze met haar beste leerlingen eigen choreografieën in volkshuizen en parochiezalen overal te lande. In die Dansgroep Lea Daan danste ook Jeanne Brabants, de latere grondlegger van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.

De verdienste van Daan lag onder meer in het feit dat zij als eerste vrouw (!) en danseres zelf systematisch lezingen hield en in recensies en beschouwingen begon te publiceren over dans. Ze choreografeerde ook voor toneel en was docente bewegingsleer in professionele acteursopleidingen aan o.m. Studio Herman Teirlinck-Hoger Instituut voor Dramatische Kunst en de Conservatoria van Antwerpen en Gent. Daan coachte zo generaties acteurs over de houding en plaats van hun lichaam in de ruimte. Maar ze bevrijdde vooral de dans als kunstvorm uit de liberale, burgerlijke milieus en overtuigde de socialistische en katholieke zuil van de waarde van dans als instrument van volksopvoeding en ideologisch instrument. Haar choreografieën voor politieke of religieuze (massa)spektakels lagen in het verlengde van haar interesse voor Labans ‘lekendans’ en ‘bewegingskoren’.

Na de oorlog werd ze enkel nog gevraagd door de katholieke zuil: aan socialistische zijde waren de gezusters Brabants nu immers het aanspreekpunt geworden en was Daan om ideologische en artistieke redenen gebrouilleerd. Vaak als rechterhand van regisseur Ast Fonteyne zorgde Daan voor de dansen en bewegingen in toneelopvoeringen als Lucifer en De danser van Onze Lieve Vrouw in katholieke colleges en openluchtspelen zoals De Zevende Blijdschap van Maria in Retie en Aarschot, het Sint- Odradaspel in Balen-Neet, Onze-Lieve Vrouw van Jezus-Eik in Overijse maar ook de Heilige-Bloedprocessie in Brugge.  Aan de middelbare school van het Heilig Grafinstituut in Turnhout leerde ze scholieren hoe gracieus en plechtstatig te communie te gaan; de KAV liet ze in de jaren vijftig dansen tijdens de eucharistie. In plaats van de ‘exotische of mysterieuze Andere’ in de negentiende en vroege twintigste eeuw, symboliseerde de dansende groep nu ook de ‘eigen gemeenschap’. Deze erfenis van Labans dansideologie zorgde ervoor dat vanaf de jaren dertig ook mannen zich inschreven voor danscursussen, wat voordien in België uitzonderlijk was.

In het Letterenhuis waren al langer enkele mappen met foto’s en documentatie over Lea Daan raadpleegbaar, maar sinds kort is ook het fonds dat Lea Daan zelf naliet toegankelijk gemaakt en verwerkt in de online catalogus Agrippa. Op basis van eerder onderzoek voor het boek Dans in België, 1890-1940 deze schets van de diversiteit van het materiaal:

  • Mappen en albums met foto’s
  • Scenario’s voor choreografieën, vnl. van de hand van Roger Avermaete, maar ook inzendingen van Paul Joostens en Victor Brunclair die door Daan werden afgewezen)
  • Muziekpartituren en dansnotaties (Labanotatie, volgens het systeem van Rudolf von Laban)
  • Programmabrochures van diverse voorstellingen en evenementen waaraan ze participeerde (inclusief enkele ‘danscongressen’ in Duitsland, de danswedstrijd ter gelegenheid van de Olympische Spelen in Berlijn (1936), documenten van het Concours International de Danse in het Paleis voor Schone Kunsten (1939)) of die ze als toeschouwer bijwoonde (o.m. optredens van de Ballets Russes (1928), Kurt Jooss, Katerine Dunham en Martha Graham (1954)).
  • Plakboeken met persknipsels rond haar eigen activiteiten
  • Drukwerk voor eigen recitals en haar school, met grafisch werk van Henri Van Straten
  • Documenten m.b.t. haar onderwijsopdrachten
  • Uitgebreide reeks administratieve en correspondentie en boekhouding
  • Interviews en biografische schetsen
  • Voordrachten en medewerking aan tijdschriften, inclusief typoscripten van lezingen en lessen
  • Uitgebreide briefwisseling, onder meer met de NIR – de toenmalige nationale radio – waarvoor ze wekelijkse turnlessen verzorgde.
  • Werkstukken van collega’s, zoals een gestencilde Chorégraphie complète de la Danse door Sacha Sarkoff, een gepensioneerde danser van de Muntschouwburg die werkte voor een Académie de Danse in Gent.

Op een foto van een filmopname uit één van de albums in het Letterenhuis staan in bijschrift ‘ACV 1938’ en filmpionier Charles Dekeukeleire vermeld (bekend van Combat de Boxe).  Dit gaf de aanleiding tot de recente ontdekking in  KADOC-KULeuven van een filmspoel waarop de filmcaptatie van de jubileumviering van het ACV in de Velodrome in Gent werd gemonteerd met voor- of nadien opgenomen beelden van het massaspel dat er werd opgevoerd. Regie was in handen van Ast Fonteyne, choreografie van Lea Daan. De filmopname vanuit meerdere camera-standpunten was waarschijnlijk het werk van Dekeukeleire. Het betreft de enige filmbeelden van een choreografie van Lea Daan uit het interbellum.

Daan liet zelf wel in 1936 de film Kunst- en Leekendans opnemen op de heide buiten Antwerpen. Haar leerlingen – onder meer Jeanne Brabants – dansen er figuren in het zand en oefenen in de icosaëder. De gedigitaliseerde beelden worden bewaard in privécollecties. Interesse? Contacteer Het Firmament.   


Meer lectuur over Lea Daan:

Staf Vos, Dans in België, 1890-1940 (Leuven, Universitaire Pers, 2012), hoofdstuk 8.

Staf Vos, 'Het lichaam in de gemeenschap. Het belang van Lea Daan (1906-1995) voor de dans', Forum, 20 (2012-13), nr. 4, 21-27, 

Marianne Van Kerkhoven, ‘Lea Daan, de éminence grise van de Vlaamse beweging’ [interview Jeanne Brabants met Lea Daan], Etcetera, 1984-07, jaargang 2, nummer 7, 3-7.

Lieve Demin, 'In het spoor van Laban', Etcetera, 1996-04, jaargang 14, nummer 55, 31-36.

Over Rudolf von Laban:

Paul Derksen, ‘Manifest, Etcetera, 1996-04, jaargang 14, nummer 55, 22-27. 

Adri De Brabandere, ‘Toonladders van de beweging’, Etcetera, 1996-04, jaargang 14, nummer 55, 28-30.